Van de Rijn via Ulm naar de Alpen

 

“Van de Rijn via de Donau naar de Alpen. Door het Zwarte Woud, over de Schwabische Alb en het Allgäuer Voralpenland naar Oostenrijk”. De andere route naar de Alpen … door spectaculaire landschappen en langs prachtige steden.

 

Ulm

 

GPS-track: Rijn-Alpen

                     Variante Günztal

 

Routes naar de Alpen

De meest gangbare fietsroutes naar de Alpen zijn de beschreven routes naar Rome van Benjaminse en Reitsma. De laatste jaren zijn er vele nieuwe spoorwegfietspaden gerealiseerd waardoor nieuwe mogelijkheden ontstaan om op een andere manier de bergketen te bereiken. Voor vele fietsers is gebleken dat de passage van de Belgische Ardennen met zijn continue up en downs de zwaarste beproeving is in hun lange tocht naar het zuiden. Fietswegen langs rivieren, kanalen en over spoorwegen maakt het vandaag mogelijk hoogtemeters te overbruggen aan de hand van een beperkt aantal echte klimkilometers en weinig klimpercentages. Vandaag geraken we zonder moeite over de Vennbahn tot op het dak van België. Spoorwegroutes en rivierpaden leiden dan naar de Moezel en Rijn. Van daaruit willen we naar Füssen, ooit de plaats waar de Romeinen de Alpen overstaken over de Via Claudia Augusta en voor auto’s ‘de’ grensovergang naar Tirol en Italië. Füssen is ook de grensovergang waar meerdere Duitse fietswegen toekomen en dus de geknipte plaats om de Alpen over te steken. Vanaf de Rijn kan je indien je dat wenst via twee langeafstandsfietsroutes, Mainradweg en Romantische Straße naar Füssen. Maar wij fietsen via Straatsburg naar de Rijn. Daar kan je via de Kinzig-Radweg het Zwarte Woud betreden. Omdat deze geruime tijd langs een vrij drukke verkeersweg ligt, kiezen we doch voor de Tour de Murg, vertrekkend vanuit Rastatt in de Rijnvlakte tussen Vogezen en Zwarte Woud. Hoe we daar geraken valt te lezen in het artikel ‘Van België over spoorwegen en langs waters naar Straatsburg’.

Füssen

 

Zwarte Woud

Vanaf het station in Rastatt vertrekt de ‘Tour de Murg’. Ze volgt de loop van de rivier de Murg van Rastatt naar Freudenstadt. Een moderne boemeltrein brengt fietsers naar boven zodat deze dan in dalende lijn terug naar het Rijndal fietsen. Een nood- of hulpmiddel voor diegene die het wensen. Wij fietsen uiteraard naar boven. Eerst vrij vlak het Zwarte Woud in naar Gernsbach waar het dal versmalt. Onderweg ligt het kuurstadje Gaggenau waar we voorbij het Unimog-Museum fietsen. Op een terrein is een soort crossparcours uitgezet voor deze alle terrein vrachtwagentjes. We fietsen langs een rotswand omhoog met op een met wijnstokken beplante valleihelling het machtige kasteel Eberstein. Vanaf nu gaat het ca. 10 km gestaag bergop door het engste deel van de vallei. De inspanning is des te zwaarder omdat enkele kilometers klimmen over een grind- en bosweg plaatsvinden. De Murg vertoont hier de allures van een ware bergrivier en vloeit diep beneden ons. Forbach ligt zowat halverwege de vallei en valt in het oog door zijn rode domkerk en bijzonder mooie houten brug. Enkele korte kuitenbijters later fietsen we door een prachtig almenlandschap naar Baiersbronn. Het pad verloopt terug vlak Hier splitst de Tour de Murg zich en wij volgen de route langs het bijriviertje Forbach naar Freudenstadt. De Murg zelf komt van rechts en de aftakking langs daar sluit aan op de Schwarzwaldhochstraße.

 

 

Freudenstadt ligt links boven de vallei, ernaartoe is een korte martelgang van 15% en meer. Mijn compagnon is hier tien maal gestorven, de vrouwen overwinnen hem al stappend. De haast vierkantige Markt in Freudenstadt is met 219 x 216 m het grootste marktplein van Duitsland. De Oberer Markt is de plaats voor de marktkraampjes, de Unterer Markt trekt aandacht door een gigantische waterpartij van 45 bij 18 m met 50 fonteinen. Rond het marktplein flaneer je onder de arcaden en tot rust kom je in het aanpalende kuurpark.

 

Freudenstadt

 

De Neckarsteden

Via markt en kuurpark verlaten we Freudenstadt via de Kinzig-Radweg. Drei-Täler-Radweg noemt de route die Kinzig, Glatt en Neckar met elkaar verbindt. Het is een oude fietsroute die nog maar sporadisch bewegwijzerd is en na een tijdje beseffen we dat de nieuwere wegwijzers een parallel lopende route volgen. Éénmaal in de vallei van de Glatt wijst de route zichzelf uit. We fietsen over gras- en weidelanden met links en rechts brede heuvelruggen. In de heuvelflanken liggen enkele dorpjes.

 

Glatt

 

De bewegwijzering van de Neckar-Radweg is dan weer subliem. Enkele mooie historische steden liggen langs de rivier. Horb krijgen we al van ver in het zicht. Oud centrum, burchttoren en klooster verheffen zich op de andere oever boven de vallei. De Ihlinger poort, één der toegangspoorten beneden de stad, verwierf de naam Heksentoren. Van hekserij beschuldigde vrouwen werden hier in opgesloten. Een tweede toren, een restant van het slot Hohenberg, staat in de bovenstad. Hij kreeg de bijnaam schurkentoren en diende om het gespuis in op te sluiten. Vanaf de rivier lopen steile steegjes naar de bovenstad. Rottenburg am Neckar, zowel Romeinse als bisschopsstad, is idyllisch gelegen aan de Neckar. Middeleeuwse huizen, smalle steegjes en mooie pleintjes vormen een gezellig geheel. Het traject door de stad leidt aan meerdere heiligenbeelden voorbij, opgesteld in nissen van voormalige vrome huizen. Dat de Romeinen hier waren, krijg je te zien in het stadsmuseum ‘Sumelocenna’. En dan komt Tübingen, de parel aan de Neckar, met middeleeuwse kern, markant marktplein en schilderachtig stadssilhouet aan de rivier.

  

Horb

Rottenburg

Tübingen

 

Heilwater

Na een rust aan één van de baggermeren in Altenburg, nemen we afscheid van de Neckar. We volgen enkele lokale fietsroutes over enkele heuvels inclusief doortocht van een pittoresk valleitje tot in Metzingen. Onze vrouwen zijn opgetogen wanneer we door een immens outletcenter fietsen. Spek naar hun bek, maar eten doen we in de aansluitende voetgangerszone die uitloopt op het knusse marktplein. Metzingen ligt aan de voet van de hoog oprijzende bergen van de Schwabische Alb. We maken gebruik van de vallei van de Ems die een diepe kloof trekt naar Bad Urach, kuuroord en thermenstad. Wij hielden het bewust tot een korte rit vandaag om met volle teugen van de Alb thermen te genieten. Ons hotel ligt net naast de thermen en even later ploeteren we in baden met warm mineraalwater van 32° tot 38°, 770 m diep uit de bodem opgepompt. De watermassages en -fonteinen zijn een welgekomen deugd voor onze stramme spieren.

 

Metzingen

Bad Urach

 

Schwäbische Alb

Door de vallei van de Ems loopt een grindweg omhoog naar het molendorp Seeburg. De rit is een waarlijk genot. Een oude hooikar tegen een vakwerkschuur, een picknickbank op een alm, witte kalkrotsen tussen het groene bladerdek van de steile beboste heuvelflanken. Het gaat door de duistere Trailfinger kloof tot boven op de Schwäbische Alb, waar we een typisch almenlandschap aantreffen van glooiende grasvlaktes en beboste heuvels.

 

 

Menige kilometers gaat het op en neer tot we letterlijk naar beneden schieten in het Schiemtal. Een godvergeten dal dat uitmondt in wat ooit de oervallei van de Donau was. Waar vroeger de Donau vloeide, maken nu de riviertjes Schmiech en Blau gebruik van de brede bedding. 

 

 

Blaubeuren is vooral bekend vanwege de Blautopf, een bron die door zijn diepte van 21 m en lichtinval helblauw kleurt. Langs de Blau fietsen we langs kleurrijke stadstuintjes tot in het centrum van Ulm.

 

 

Ulm, vertier aan de Donau

Een bizarre baksteenconstructie in de winkelstraat staat symbool voor het geboortehuis van Einstein. De munsterkerk reikt haast tot de hemel. De toren is te beklimmen via 768 trappen en is met zijn 161,53 m de hoogste kerktoren ter wereld. De reuzenspreeuw met een tak in de bek op het dak van de kerk is legendarisch! De sage wil dat de bouwers van de kerk een reusachtige balk niet door de stadspoort kregen. Toen ze een spreeuw een stokje in de lengte door een opening zagen vliegen, plaatsten ze de balk ook in de lengte op hun karren en reden zo de stad binnen. De stadskern is een mix van oude vakwerkhuizen tot moderne betonnen, metalen en glazen bouwconstructies. Zeer traditioneel daar tegenover staat het prachtige raadhuis bekleed met fresco’s die de geschiedenis van de stad vertellen, met wapenschilden van steden waarmee Ulm handel dreef en met een vernuftig kunstzinnig astrologisch uurwerk waar zelfs de zonsop- en ondergang af te lezen valt. De naar beneden lopende straten achter het raadhuis geven toegang tot de oude leerlooier- en de visserswijk, nu gezellige buurten met vele restaurantjes en cafés aan de oevers van de Kleine en Grote Blau. De stad is een aanrader voor terrasjesmensen die vertier vinden in exclusieve koffie, tapas- en cocktailbars. Of in één of ander historisch eethuis in de oude wijken, gezeten op een trappenterras op de oever van de Blau. Achter de stadsmuur met stadspoorten vloeit de Donau, de natuurlijke grens tussen Baden-Württemberg en Beieren. Wij hebben geluk en mogen het vierjaarlijkse Fischerstecken meemaken, een steekspel waar historische figuren gewapend met een houten speer rechtstaand op een gondel van beide oevers op elkaar toe varen om elkaar in het water te duwen. Wees gerust, Ulm is een ideale fietsstad waar eenieder wel zijn vertier vindt, de stopplaats om de batterijen op te laden.

 

 

Het Algauer Vooralpenland

Ulm is Baden-Württemberg, aan de overkant van de Donau zijn we in Beieren. De directe weg naar het zuiden is de Illerradweg, die natuurgetrouw de rivier Iller volgt. 50 km grindweg waarvan de eerste 20 km er vrij hobbelig bijliggen. Een gevolg van de grote overstroming eind mei 2013 waarbij de oevers het zwaar te verduren kregen en de grindwegen gedeeltelijk wegspoelden. We wisselen het oeverfietspad in voor de Kneip-Radweg die ons door Memmingen leidt de Allgäuer Vooralpenland in. Allgäu is een afgeleide van het Hoogduitse alb dat staat voor berg en alm en van het Middelduitse göu wat landschap betekent. Zo komen we uit bij almen- en berglandschap, een voorgebergte van groene glooiende heuvels van arme graslanden, begraasd door bellende vaalbruine bergkoeien.

 

 

We switchen van het haast rechtlijnige Illertal naar het kronkelende Günztal. Wie opziet tegen het lange grindoeverpad langs de Iller kan over de Dounau-Radweg naar Günzburg en dan daar de volledige Günz-Radweg hoog fietsen. De route loopt langs de oostelijke bron van de rivier. In de bron staat een ijzeren reling, een zogenaamd Trettbad waar je in ijskoud bronwater driemaal rond de reling loopt. Onderweg zijn we al enkele van deze watertrapbaden tegengekomen. Meestal is dat een rechthoekig gemetst bad waarin bronwater loopt, maar rechtstreeks in de bron zoals hier is wel buitensporig koud. De koude snijdt in de benen en het lukt ons amper één toertje te draaien. Maar de benen voelen wel aan als nieuw wanneer we de vallei uit klimmen. We volgen enkele lokale fietswegwijzers om aansluiting te maken op de Dampflokrunde, Letterlijk vertaald de stoomlocomotiefronde, een spoorwegroute die in een immens lang vals plat naar de smaragdgroene Forggersee voert. Aan de overkant zien we de koningskastelen Neuschwanstein en Hohenschwangau van Ludwig II, die door zijn fobie voor kastelen het familiefortuin opsoupeerde. Om dit tegen te gaan liet de familie hem ontoerekeningsvatbaar verklaren en in een inrichting plaatsen. Tijdens zijn opname komt hij in duistere omstandigheden om het leven. Ons einddoel is Füssen, een Duits grensstadje aan de Oostenrijkse grens met Italiaanse flair. Niet verwonderlijk daar vele Italianen de oversteek maken voor een daguitstap hiernaartoe. Maar de Aziaten steken de kroon, het slot Neuschwanstein is immers de meest bezochte attractie van Duitsland. Voilà, wij gaven hier een leuk alternatief om met de fiets de Alpen te bereiken. Blijf ons volgen, want volgend jaar gaan we op onze eigenzinnige manier de Alpen over naar Venetië en Rome.

 

 

Praktisch

Afstand: Rastatt-Füssen 385 km (407 km via Günztal-Radweg)

Etappen: Rastatt (0 km) - Freudenstadt (65 km) - Rottenburg-am-Neckar (60 km) - Bad Urach (45 km) - Ulm (70 km) - Obergünzburg (100 km) - Füssen (55 km)

 

Route: Tour de Murg, Kinzigtal Radweg, Drei-Täler-Radweg, Neckar-Radweg, R18, Kirschenradweg, R14, Schiemtalradweg, Donau-Radweg D6, Günztal-Radweg of Iller-Radweg, Radrunde Allgäu, Dampflokrunde, Via Claudia Augusta

 

Terugreis: trein Füssen via Augsburg en Karlsruhe naar Rastatt; duur ca. 5h17 www.bahn.de

Ons uitgangspunt was Ulm. Wij reisden met de trein naar Rastatt en naar Füssen. Telkens met één overstap, via Karlsruhe en va Augsburg. Op deze manier genoten we met volle teugen van het gezellige Ulm.

 

Logies: wij overnachten in:

Schwarzwaldhotel Freudenstadt: Helene-Frey-Weg 2, D-72250 Freudenstadt, tel: +49 7441 939-0, www.schwarzwaldhotel-freudenstadt.de, info@schwarzwaldhotel-freudenstadt.de

Hotel Württemberger Hof: Tübinger Straße 14, D-72108 Rottenburg – Neckar, tel: +49 7472 96360, www.wuerttembergerhof.de, info@wuerttembergerhof.de

Hotel Graf Eberhard: Bei den Thermen 2, D-72574 Bad Urach, tel: +49 7125 14 80, www.hotel-graf-eberhard.de, info@hotel-graf-eberhard.de

Hotel Garni Lehrertal: Lehrer-Tal-Weg 3, D-89075 Ulm, tel: +49 731 954 000, www.lehrertal.de, hotel.garni@lehrertal.de

Hotel-Gasthof Zum Engel: Marktplatz 14, D-87634 Obergünzburg, tel: +49 8372 92 27 30, www.engel-allgaeu.de, info@engel-allgaeu.de

Luitpoldpark Hotel: Bahnhofstraße 1-3, D-87629 Füssen, tel: +49 8362 9040, www.luitpoldpark-hotel.de, fuessen@luitpoldpark-hotel.de

 

Jeugdherbergen in Freudenstadt, Tübingen, Bad Urach, Blaubeuren, Ulm, Günzburg, Füssen

 

Info:

Tourist Information Ulm/Neu-Ulm, Münsterplatz 50, D-89073 Ulm, tel: +49 731 161 2830, info@tourismus.ulm.de, www.tourismus.ulm.de

Schwäbische Alb Tourismusverband e.V., Marktplatz 1, D-72574 Bad Urach, tel: + 49 71 25 - 94 81 36, hellner@schwaebischealb.de,  www.schwaebischealb.de  

Schwarzwald Tourismus GmbH, Habsburgerstraße 132, D-79104 Freiburg, tel: +49 761 89 64 60, mail@schwarzwald-tourismus.info, www.schwarzwald-tourismus.info

Allgäu GmbH, Allgäuer Straße 1, D-87435 Kempten/ Allgäu, tel: +49 831 575 37 30, www.allgaeu.info, info@allgaeu.info